Veiligheid en crisisbeheersing


De veiligheidsketen bestaat uit de elementen: proactie, preventie, preparatie, respons en herstel / nazorg.
Risicobeheersing heeft betrekking op proactie en preventie.
Crisisbeheersing omvat de schakels: preparatie, respons en herstel / nazorg.

Proactie is het structureel voorkomen van onveilige situaties. Om onveilige situaties te identificeren worden risico-inventarisaties uitgevoerd, vinden risicoanalyses plaats en worden voor geaccepteerde risico’s zogenaamde risicoprofielen opgesteld.
In de risicoprofielen wordt rekening gehouden met de preventieve en repressieve veiligheidsmaatregelen en -voorzieningen, die zijn voorgeschreven op basis van de omgevingsvergunning.
Niet alle incidenten zijn te voorkomen: afhankelijk van de aard en omvang van het incidenttype is er sprake van een mate van waarschijnlijkheid (=kans) dat een incident met een bepaalde impact (= ongewenste gevolgen) kan plaatsvinden.
De mogelijke impact van een incident bepaalt of beheersing op internationaal, nationaal, regionaal of lokaal niveau kan plaatsvinden.
De noodzakelijke taken en bevoegdheden om een incident te kunnen beheersen bepalen of er sprake is van een crisis, een ramp, een ongeval, brand of hulpverlening.

In Nederland is op nationaal niveau sprake van crisisbeheersing.

Om een doelmatige en slagvaardige hulpverlening te verzekeren, mede op basis van een geco├Ârdineerde voorbereiding, is de Wet veiligheidsregio’s tot stand gekomen om te regelen dat de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening, met behoud van lokale verankering bestuurlijk en operationeel op regionaal niveau zijn ge├»ntegreerd. In de Wet veiligheidsregio’s worden in artikel 1 ondermeer de begrippen ramp, rampenbestrijding, crisis, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening gedefinieerd.





Geef een reactie